De meeste organisaties beoordelen beslissingen op basis van financiële resultaten, snelheid en efficiëntie. Maar hoe vaak denken we na over hoe goed het besluitvormingsproces zelf is?
Drie denkers geven hier een verrassend actueel beeld van.
Noga Arikha, die in een vorige post aan bod kwam, laat zien dat besluitvorming nooit helemaal rationeel is. Emoties, lichamelijke signalen en sociale context hebben invloed op hoe we situaties beoordelen. Ze bepalen ook welke keuzes we maken.
Karl Marx wijst ons erop dat elke beslissing mensen kan raken. Naast de duidelijke financiële gevolgen zijn er vaak minder zichtbare gevolgen voor betrokkenheid, zelfstandigheid, welzijn en onderlinge band op het werk.
Polybius, de Griekse historicus, voegt daar een derde laag aan toe. Hij vond dat blijvende en goede besluitvorming ontstaat als verschillende belangen, meningen en machtsposities elkaar in balans houden. Geen enkele groep of persoon mag zonder toezicht beslissingen nemen. Checks, tegenwicht en opbouwende kritiek zijn nodig om de kwaliteit van besluiten te bewaken.
Samen leiden deze inzichten tot drie krachtige vragen:
1. Wat voelen we bij deze beslissing? (Arikha)
2. Wie betaalt de prijs van deze beslissing? (Marx)
3. Wie had invloed op deze beslissing en wie niet? (Polybius)
Praktische lessen voor organisaties:
– Betrek verschillende meningen vroeg in het besluitvormingsproces.
– Organiseer actief tegenspraak en voorkom echokamers.
– Beoordeel niet alleen de financiële resultaten. Kijk ook naar vertrouwen, betrokkenheid en welzijn.
– Geef medewerkers de ruimte om hun emoties en signalen te uiten. Hierin zit vaak waardevolle informatie.
– Beoordeel niet alleen het resultaat van een beslissing. Kijk ook naar hoe die beslissing is genomen.
– Vraag bij belangrijke keuzes altijd expliciet: Welke gevolgen zien we nu nog niet?
Leiderschap gaat niet altijd over het nemen van de juiste beslissing. Het draait erom een proces te maken waarin betere beslissingen kunnen ontstaan.
Dit artikel hoort bij het boek Beslis met vertrouwen.